Tijd en teken van verenigen

Door William Marrion Branham

1 Goedenavond. Het is een voorrecht om vanavond hier te zijn en op deze plaats te staan.

2 Ik reed vanmorgen de weg af... Ik was weg geweest om te bidden, om te wachten op de Here. En terwijl ik reed, zette ik een radioprediker aan, broeder Smith, de kleurlingbroeder (hebt u hem allemaal gehoord vanmorgen? Iemand van u?), ginds uit Ohio, geloof ik. Iemand vertelde mij over hem en dat hij had gepredikt en zei: "U zou hem aan moeten zetten."

3 Ik hoorde hem vanmorgen toevallig. Hij sprak er met zekerheid over hoe overvloedig de zonde was in de tegenwoordige wereld en wordt... En ik draaide wat verder door, een zender verder en daarop hoorde ik er nog een. Tegen de tijd dat ik hier kwam, was ik ongeveer zover dat ik moest oppassen dat ik niet te laat was om naar de gemeente te komen, deze morgen toen ik binnenkwam. We zijn dus werkelijk bevoorrecht om hier vanavond te zijn, om te dienen in de dienst van de Here.

4 Terwijl ik over broeder Neville sprak en de boodschap van onlangs tot deze kleine dame, onze zuster, die pas van ons is heengegaan, die ons heeft verlaten; wij weten allemaal wie het was, het is zuster Weaver. En denkend aan een man hier die vanavond wordt gedoopt, zij... Ik doopte haar in dit bad toen ik... Ze moesten haar hier brengen in een rolstoel. Zij was stervend aan kanker en ze had nog slechts die nacht te leven; de doktoren hadden haar al opgegeven. Ze zou de volgende morgen gaan sterven. En ik ging haar huis binnen en probeerde tot haar te spreken over Goddelijke genezing en ze bleef maar herhalen: "Ik ben niet waardig dat u onder mijn dak komt." Ze zei: "Ik ben het niet waard dat er een prediker in mijn huis is." Ze zei: "Ik ben een zondaar." Maar ze zei: "Meneer, ik wil niet op deze manier sterven." Dus nam Grace Weber, hier, me mee daar naartoe. Ik kwam net binnen, vermoeid van de samenkomsten; en toen ik daar voor haar bad en haar de Schrift voorlas, werd ze gered. Ze kon nauwelijks haar hand omhoog heffen, maar toen wilde ze iedereen de hand schudden. Er was gewoon iets met haar gebeurd.

5 En terwijl ze aan het handen schudden waren, zag ik in een visioen dat ze naar een kippenhok liep en terugkwam. Ik zei: "In orde, het zal nu in orde komen." En dat is achttien jaar geleden. Zij is al die tijd die kanker een stap voor geweest. Toen ze stierf had ze helemaal geen kanker, ze werd gedood door een hartaanval. Ze hadden haar onder een zuurstoftent gelegd; ze stierf aan een hartaanval.

6 En daar was ik over aan het denken, toen laatst de mensen aan het weggaan waren, en ze zongen: "Toen kwam Jezus". [In het Nederlands: "Als Jezus komt" – Vert] Dat is precies wat er gebeurde, Hij kwam en spaarde haar leven voor die achttien jaren. Ik dacht: "Wat toepasselijk!" Die vrouw wist waarschijnlijk niet dat ze het op die manier deed, maar misschien wist ze het ook wel. Maar hoe toepasselijk was het, om dat gedeelte daar te nemen: Toen kwam Jezus.

7 Nu, het is een korte tijd voor, naar ik hoop, mijn grote aanvang van samenkomsten. Ik word erg nerveus. Deze morgen lag ik zo overhoop, dat ik naar boven ging om te bidden. En ik ben hier thuis. Het gezin heb ik zojuist naar Arizona gebracht, zodat de kinders naar school konden gaan. En ik ben hier terug, gewoon om me een beetje te ontspannen, om te gaan jagen met broeder Wood en een groep van de broeders hier; om uit jagen te gaan, deze komende week. We zullen teruggaan naar Kentucky. En het kwam net zo uit dat ik kwam op de dag dat mevrouw Weaver overleed en het is precies goed dat ik hier kon zijn om broeder Neville te helpen bij die begrafenis.

8 En ik probeer niet... ik probeer niet teveel te zeggen, weet u, rond mensen die klagen. Omdat, naar mijn mening, een van de verschrikkelijkste dingen is, een man of een vrouw te zien die voortdurend klaagt. Ik heb altijd gedacht: "God, bewaar mij daarvoor." Zie? Dat verzwakt altijd het geloof, weet u. Je wordt gewoon... Ik weet dat naarmate men ouder wordt, ieder van ons, we iets zullen gaan krijgen, en dat er wat gaat gebeuren. En ik weet dat die kleine dingen zich zullen blijven opstapelen naarmate je ouder wordt; dat moet wel. Maar ik vind dat één van de meest verschrikkelijke dingen is, dat Satan het leven van een of ander persoon kan kronen door hem of haar een kribbige, oude man of vrouw te laten zijn, ziet u? Ik hoop dat ik niet tot die toestand kom. Ik hoop dat ik mijn lasten kan dragen en tot een plaats kan komen waar... Ik wil dat mijn leven wordt gekroond met de glorie van God, Zijn lankmoedigheid, vriendelijkheid, vrede, zachtmoedigheid en vervuld te zijn met de Heilige Geest.

9 En ik... Eén van de voornaamste dingen, die mij altijd heeft gehinderd in mijn hele leven, is een nerveuze gesteldheid. Wanneer ik zo uitgeput raak, dan word ik werkelijk zwaarmoedig. Ik krijg dan zo'n beetje het gevoel alsof niemand om mij geeft, weet u, en je bent helemaal... U hebt het eveneens. En het treft nu net dat ik er werkelijk een overdosis van heb, weet u, en het wordt soms zeer erg, en ik kan dan nauwelijks... Spanningen zijn er de oorzaak van. En ik kom dan vaak tot een toestand, speciaal als er zoveel van die visioenen zijn, weet u, dat het mij gewoon te pakken krijgt. Ik kijk dan naar iemand en ik denk: "Dit is een visioen. Nee, nee, nee, het is het niet. Ja! Of niet?" Ziet u? U beseft gewoon niet wat de prijs daarvoor is. Dus dan ben je je aan het afvragen en je begint te denken: "Wel, je bent..." Dan kom je tot jezelf en zegt: "Welnu, wat heb ik gedaan? Hier ben ik, ik ben vijftig jaar oud en ik heb nog niets gedaan voor de Here; en ik ben oud aan het worden. En wat is...? O my." Dan krijg je gewoon de... wat we vroeger gewoonlijk "the blues" [neerslachtigheid] noemden. Sommigen van u broeders, van mijn leeftijd, herinneren zich wat ze vroeger bedoelden met "in de put zitten" ["the blues"]. Pa was gewend erover te spreken en ik vroeg me af wat hij bedoelde, maar ik weet nu beslist wat hij bedoelde. Dus dan ga je je op die manier voelen, terwijl er niets van waar is; je bent het zelf gewoon en je weet het. Zie, je weet dat je het gewoon zelf bent die dat doet.

10 Daarom probeerde ik nu een klein beetje tot rust te komen en me klaar te maken voor de grote duw die, naar ik hoop, spoedig komt. En dan door... Ik moet nu direct naar New York, naar een samenkomst daar, een campagne. Vervolgens naar Shreveport en dan terug naar Phoenix. En dan verder langs de west... de zuidgrens van de Verenigde Staten. Dan zijn ze nu bezig voorbereidingen te treffen voor overzee, te beginnen na Nieuwjaar, zodra we kunnen, misschien in maart of april, iets dergelijks; te beginnen in Stockholm of Oslo, en zo de wereld rond, indien mogelijk, op deze volgende reis.

11 En nu ben ik thuis zo'n beetje aan het uitrusten om weer een beetje tot mezelf te komen en wat aan te sterken. Zo de Here wil, zal ik volgende zondag terug zijn uit Kentucky. Als het goed is en het de Here behaagt en broeder Neville vindt het niet erg, wel, zal ik proberen volgende zondag de dienst te houden, zo de Here wil. En als Hij er evenzeer toe bereid is als broeder Neville, zal ik hier zijn. Ziet u? Jazeker, als Hij er net zo toe bereid is als broeder Neville. Ik hoop dat Hij dat is. Nu, zie, dan weet ik dat ik spoedig, zo de Here wil, tamelijk lang bij u vandaan zal zijn.

12 Ik neem gewoon kleine boodschappen, als ik een klein iets in mijn hart krijg waarvan ik voel dat ik het aan u wil uitdrukken, ziet u, zodat we er gemeenschap rondom kunnen hebben. Nu, ik heb er nog al wat, vijf of zes, die pas tot me kwamen in de laatste paar dagen. Ik ging hier een paar dagen op eekhoorntjesjacht. En als ik in de bossen kom, pak ik potlood en papier. Zie? Nu ongeveer tegen de tijd dat het goed daglicht wordt, ga ik ergens met mijn rug tegen een boom zitten. Als ik niet in slaap val, begin ik te bidden en dan zal de Here me iets geven. Ik begin er kleine notities over op te schrijven, ziet u. U weet wat ik bedoel; wanneer je tot jezelf komt, en dan... Als ik thuiskom, schrijf ik het allemaal over op een blocnote. Wanneer er dan een beroep op me gedaan wordt, loop ik naar mijn blocnote en kijk het door om te zien waar ik mee kan beginnen, ziet u. Dat is nu net gebeurd.

13 Nu ik wil, zo de Here wil, even spreken... Ik zal proberen die grote, lange boodschappen, ziet u, die uren duren, te bekorten. De Here hielp mij om het de laatste avond daar in Chicago tamelijk kort te houden, ongeveer dertig minuten. En er kwam daar iemand aan, die zei: "Ik dacht niet dat het in u zat, maar u deed het!" Dus dertig minuten, en vroeger ongeveer twee-en-een-half of drie uur, weet u. Misschien kan ik dus vanavond voortmaken en een beetje praktijkervaring opdoen en u niet te lang houden.

14 God zegene u. Ongeacht waar ik ook heenga, er zal nooit een plaats zijn zoals deze Tabernakel hier. Oost west, thuis best. Ik voel mee met de familie Weaver en met deze dierbare kleurlingbroeder die stierf. Ik bad met hem een ogenblik voordat hij heenging, hij had een fijn karakter. Hij is nu thuis bij God en het is allemaal voorbij. U zal hoe dan ook moeten gaan; wij weten dat allemaal. Dus we zijn... Moge de Here hun zielen in vrede doen rusten, en op een dag verwachten we verenigd te zijn in een land ginds, daar waar geen ziekte, zorg of dood is. Laten we tot die tijd gewoon alles doen wat we kunnen voor het Evangelie.

15 Over spanning gesproken, ik was er vanmorgen over aan het bidden. Wat zou u doen als u geen spanning had? Denk het u even in. Spanning is een deel van het leven. Dat bemoedigde me enigszins toen ik daaraan dacht. Als u geen spanning had, zou u als een lappenpop zijn; u zou helemaal geen gevoelens hebben. Er zou niets zijn waaraan u zou kunnen werken. Zoals een man en vrouw... Als zij misschien iets wil ondernemen en ze proberen samen te werken (speciaal Christenen) en de ander wil... En dan wanneer u samenkomt om... en u ontdekt wat zij heeft gedaan; zij ontdekt... Zie, de spanning brengt u werkelijk dichter bij elkaar. En iemand vertelt u: "Wel, denk even aan die kleine vrouw die door heel wat spanningen ging toen het er met u niet zo goed voor stond, of die man leefde onder een of andere spanning toen het er met u niet zo goed voor stond. En als het daarna allemaal vergeven is, kijk dan hoe uw gevoelens over hem waren. My, u was gewoon..." Ziet u, u moet spanningen hebben. Dat is alles.

16 En bedenk even, wat gevoelens betreft, wat als u helemaal geen gevoel had, geen pijn of wat ook? Wat als er helemaal geen pijn zou zijn? U zou helemaal geen gevoelens hebben. Zie? En als u geen gevoel had, zou één van uw zintuigen verdwenen zijn. Zie? Dus kijk, alles is hoe dan ook precies goed. Daarom: "God, geef ons gewoon genade om ertegen stand te houden." Dat is de zaak. Als ik maar met die genade standhoud en daar sta en zeg: "Wij weten dat, wanneer dit leven voorbij is, het grote daar aan de andere zijde is, waarnaar we uitzien om heen te gaan!" En nu bedenken we dat al deze dingen spanningen zijn, die...

17 Sommige mensen proberen het christendom voor te stellen alsof je vrij van zorgen bent. Nee, dat bent u niet. Dat u vrij bent van spanning. O nee! Er komen nog meer spanningen bij wanneer u een Christen wordt, omdat u een soort slap, onbekommerd iemand was, of wat u vroeger ook maar was: onbezorgd over wat u deed.

18 Maar nadat u een werkelijke Christen bent geworden, vraagt u zich elk moment af: "Behaag ik mijn Here? Als ik het maar van Hem kon horen!" Het brengt u onder spanning, het maakt u waakzaam. Dat maakt u wat u bent. Dus per slot van rekening is spanning een zegen. Het is maar hoe u het bekijkt. Het is de manier waarop u het bekijkt. Zie? Als u slechts de andere zijde beziet, is er... Het maakt niet uit hoe dun u het plakje afsnijdt, u hebt er nog steeds twee kanten aan zitten, ziet u. Dus u wilt beide kanten bezien.

19 Daarom spanning... Ik denk wel: "O my, het is... Waarom deze spanning? Was ik maar geboren zonder deze spanning." Maar als ik deze spanning niet zou hebben gehad, zou ik niet zijn geweest wat ik ben. Ik zou misschien geen Christen zijn geweest. Het was deze spanning die mij naar Jezus Christus dreef. Zie? Dus, het is een zegen voor mij geweest.

20 Zoals Paulus zei, hoewel hij toen een spanning over het één of ander had en hij de Here driemaal gevraagd had om het van hem weg te nemen... En de Here zei: "Saulus... Mijn Paulus, Mijn genade is u genoeg."

21 Hij zei: "Dan zal ik roemen in mijn zwakheden, want als ik zwak ben, dan ben ik machtig." Zie? Zolang het de wil van God is, is het goed.

22 Nu, ik vroeg Hem eens om raad, toen het me zo tot last was, dat het me beangstigde. En Hij zei me, ongeveer acht of tien jaar geleden: "Het zal je nooit meer vrees aanjagen." En het heeft het nooit meer gedaan. Zeker niet, ik maak me er geen zorgen meer over. Ik voel het wel, ik weet dat het er is, maar ik ga gewoon door, omdat het me niet meer beangstigt. Ik ben daar zo dankbaar voor. Nu, Hij had net zo goed kunnen zeggen: "Het zal er niet meer zijn" als "Je zult niet meer bevreesd zijn".

23 Dus is het Zijn wil dat het gebeurde, dus ik grijp het gewoon vast en zeg: "Dank U, Here, ik zal die weg gaan."

24 Nu, laten we ons hoofd een moment buigen voor gebed. Is er een speciaal verzoek om gebed? (Ik zie dat hier zakdoeken liggen.) Steek uw hand op. Heer, zegen elk van Uw kinderen.

25 Onze hemelse Vader, we naderen nu Uw grote, majestueuze troon van genade, omdat ons is gevraagd te komen. We komen op het verzoek van Jezus Christus. We komen met al onze zorgen en werpen ze op Hem, omdat Hij voor ons zorgt. Wat een grote troost is dat, te weten dat Hij voor ons zorgt. De grote God des hemels, de Schepper, zorgt voor ons, Zijn schepsels. Wij zijn daar zo blij over, Here. Wat een troost is dat in deze tijd waarin wij leven, waarin het schijnt dat er uit niets anders troost geput kan worden dan uit Uw Woord. Dat is onze troost, Uw belofte. En in Uw belofte zei U ons om onze verzoeken bekend te maken, en "indien gij iets vraagt in Mijn Naam, zal Ik het doen". En al deze grote beloften: "Vraag en gij zult ontvangen. Spreek tot deze berg: word opgenomen, twijfel niet en hij zal worden opgenomen." Uit al deze beloften kunnen wij precies datgene putten waarom wij vragen.

26 Er gingen handen omhoog die iets nodig hebben, Here. Gij kent hun nood; voorzie erin, Vader. Ik voeg mijn gebed bij het hunne voor U, mijn hand is omhoog met de hunne. Hier liggen zakdoeken op deze lessenaar. O, welk geloof hebben de mensen, moedig geloof, Here... Het schijnt gewoon iets te zijn waarmee U mij hebt gezegend: om in staat te zijn voor de zieken te bidden. Waar het ook is, op elke plaats waar ik heenga, heeft het iets te maken met het bidden voor de zieken. God, help nu. Ik bid met oprechtheid dat Gij de verzoeken, betreffende deze zakdoeken die hier zijn gelegd, zult toestaan aan de mensen die het gevraagd hebben. Laat Uw genade op hen zijn.

27 Heer, we begrijpen dat zuster Hicks een vrouw hierheen heeft gebracht, die helemaal per vliegtuig ergens vandaan is gekomen om voor zich te laten bidden; met kanker, en ze wilde weten of het goed was dat ze haar hier brachten. Ik bid, God, dat U het leven van die persoon zult sparen; sta het toe. Mijn neefje, Mikie, ligt ginds ziek met hoge koorts en geeft over. Ik ging er juist de deur uit. Heer, ik geloof dat we het gebed des geloofs daar baden en dat U het hebt gestopt en ik ben U daar dankbaar voor. Ik voelde dat de koorts de jongen verliet voor ik de kamer verliet.

28 Nu, Here, ik dank U voor al deze dingen. Nu is het mij ten deel gevallen om over Uw Woord te spreken. Geef ons Uw Woord, Heer. Uw Woord is de Waarheid. Zegen onze zielen en geef ons de genade die we nodig hebben, opdat we vanavond zouden mogen putten uit Gods beloften in het Woord om ons daardoor kracht te geven voor de rest van deze week; sta het toe. Zegen onze herder, deze dappere ziel, zijn vrouw, zijn kinderen, de diakenen, de beheerders, en elke persoon die dit gebouw in- of uitgaat. Sta het toe, Vader. In de Naam van Jezus Christus vragen we deze zegeningen. Amen.

29 Nu, ik wil twee plaatsen lezen uit de Schrift van de Here. Ik wil eerst lezen uit de Psalmen, de zesentachtigste Psalm. Voorts wil ik lezen uit Mattheüs, het zestiende hoofdstuk, vers 1 tot en met 3. Ik wil een deel van deze Psalm lezen, niet alles, maar tot ongeveer het elfde vers, wat iets over de helft is.

30 En ik wil dit aankondigen als tekst, voor ik erover ga prediken: Tijd en teken van verenigen. Het teken van de tijd der vereniging, dat klinkt wat ingewikkeld. Vereniging; Zie? Tijd; tijd van verenigen, dat is het nu. En het teken van die tijd van verenigen.

31 In de Psalm, een gebed van David, de zesentachtigste Psalm:

     HEERE! neig Uw oor, verhoor mij; want ik ben ellendig en nooddruftig.
     Bewaar mijn ziel, want ik ben Uw gunstgenoot,... [Engels: "ik ben heilig" – Vert] o Gij, mijn God! verlos Uw knecht die op U betrouwt.
     Wees mij genadig, Heere! want ik roep tot U de ganse dag.
     Verheug de ziel van Uw knecht; want tot U, Heere! verhef ik mijn ziel.
     Want Gij, Heere! zijt goed, en gaarne vergevende, en van grote goedertierenheid voor allen, die U aanroepen.
     HEERE! neem mijn gebed ter ore, en merk op de stem van mijn smekingen.
     In de dag van mijn benauwdheid roep ik U aan, want Gij verhoort mij.

     O, is dat niet prachtig? "Gij verhoort mij!"

     Onder de goden is niemand U gelijk, Heere! en er zijn geen gelijk Uw werken.
     Al de heidenen, Heere! die Gij gemaakt hebt, zullen komen, en zullen zich voor Uw aanschijn neerbuigen, en Uw Naam eren.
     Want Gij zijt groot, en doet wonderwerken; Gij alleen zijt God.

     Luister nu!

     Leer mij HEERE! Uw weg; ik zal in Uw waarheid wandelen; verenig mijn hart tot de vreze van Uw Naam. (Eenheid! Ziet u?) ... verenig mijn hart tot de vreze van Uw Naam.

32 Ik spreek nu over vereniging; en het teken van de tijd. Nu, in het zestiende hoofdstuk van Mattheüs:

     En de Farizeeën en Sadduceeën tot Hem gekomen zijnde, en Hem verzoekende, begeerden van Hem, dat Hij hun een teken uit de hemel zou tonen.
     Maar Hij antwoordde, en zeide tot hen: Als het avond geworden is, zegt gij: Schoon weer; want de hemel is rood;
     En des morgens: Heden onweer; want de hemel is droevig rood. Gij geveinsden! het aanschijn van de hemel weet gij wel te onderscheiden, en kunt gij de tekenen der tijden niet onderscheiden?

     De Here voege Zijn genadige zegeningen toe aan het lezen van dit Woord.

33 Nu, we zullen spreken over dit verenigen, over de tijd van verenigen; over het teken van de tijd van verenigen. Zie, Jezus bestrafte hier, in deze laatste Schriftlezing, de geestelijkheid, omdat ze niet in staat waren de tijd of het teken van de tijd te onderscheiden. Nu, dat is altijd een belangrijke zaak geweest voor de mensen, zie, om in staat te zijn het teken te onderscheiden van de tijd waarin ze leven, omdat God het duidelijk opschrijft, zodat niemand eraan zou kunnen ontkomen.

34 Nu, gewoonlijk ga ik terug en neem ik voorbeelden van andere predikers en dienstknechten van de Here uit de tijd van de Bijbel, zoals het teken in Noachs tijd, het teken in Daniëls tijd, enzovoort, de verschillende tekenen, maar ik wil dat vanavond overslaan om tijd te sparen, om te kunnen... Maar het is altijd Gods manier geweest om hun een natuurlijk teken van de tijd te geven, zodat iedereen precies kon weten welke tijd het was. En deze Farizeeën behoorden hun tijd gekend te hebben. Ze behoorden te hebben geweten welke tijd het was. Hij zei op een andere plaats: "Indien gij Mij zoudt hebben gekend, zoudt gij Mijn dag hebben gekend." Zie? Het is iets zeer groots dat wij begrijpen. Ziet u? "Zonder begrip!"

35 Daarom verwezen ze altijd naar de profeten, ze zeiden: "En hij had begrip, door visioenen van de Here. En het Woord van de Here kwam tot de profeten van ouds." Zie, zij hadden begrip door het Woord van de Here, door de profeten. De profeten gaven dan een teken. Zoals een man gedurende een bepaalde tijd op zijn ene zijde lag en zich toen omdraaide om op zijn andere zijde te liggen. Eén van hen moest zijn kleren uittrekken. En o, er zijn vele dingen die zij deden om het teken te tonen, waarin zij leefden. Nu weten we dat de God Die de hemelen en aarde maakte, en Zijn werk zo ontwierp dat Hij Zijn tijd door een teken heeft beschreven, dat diezelfde God vandaag nog leeft. Dus moeten we iets... Als we de tijd zien waarin we leven, moet er iets zijn wat anderen ergens over het hoofd zien. Zie? Want God zou deze dingen nooit laten geschieden zonder ons een definitief teken te geven, dat we zouden kunnen begrijpen.

36 Nu, hier is hetzelfde vandaag, dat de geestelijke leiders... Wij begrijpen het niet goed. Het is precies zoals vroeger, ze dachten niet dat de tijd gekomen was. Ze meenden toen dat ze tamelijk vredig leefden, daarom zagen ze niet uit naar een Messias. En Jezus heeft gezegd dat Zijn komen zou zijn "als een dief in de nacht", wanneer de mensen zich niet bewust zouden zijn van Zijn komst. Maar er waren enige maagden die uitgingen Hem tegemoet, de helft van hen had olie in hun lamp en was gereed; zij zagen uit naar dat teken. En tegen díégenen spreek ik vanavond, zie, tot diegenen die uitzien naar het teken; nu, het teken van Zijn komst.

37 Deze tekenen, gegeven door de Here, worden alleen aan gelovigen gegeven. De ongelovigen zien het nooit. Ze gaan eraan voorbij en zien het niet. En nu, zo zeker als een engel van God vanavond op het podium zou kunnen staan, zo zeker als ik naar u kijk, zo zeker zou ik daarnaar kunnen kijken. Of u zou ernaar kunnen kijken en ik zou het niet kunnen zien; of ik zou ernaar kunnen kijken en u zou het niet kunnen zien. Nu, u weet dat dat Schriftuurlijk is; dat is precies de waarheid. Zij zagen... U weet dat Paulus neerviel, maar zij... geen van hen kon dat licht zien.

38 Dat licht was er op het moment dat Johannes daar stond voor de menigte en duizenden daar op de oever stonden; geestelijken, wijzen en grote mannen. En Johannes zelf legde er getuigenis van af dat hij de Geest van God als een duif zag neerdalen en op Hem zag neerkomen, en een stem sprak: "Dit is Mijn geliefde Zoon in Wien het Mij behaagt te wonen." En niemand anders zag het dan Johannes. Zie? Het was alleen voor hem.

39 Hebt u erop gelet hoe het teken voor de wijzen plaatsvond? Zij keken uit; zij waren Hebreeën. Zij waren in werkelijkheid geen Indische sterrenkundigen, zij waren Hebreeën; want zij waren in dat land om astronomie te studeren, om hun studie af te maken. En toen zij... zij keken in de richting van Jeruzalem en wisten dat zij die drie sterren zagen in de omloopbaan van elk van hun geboorten, van Sem, Cham en Jafeth, van welk ras ze elk afstamden, en zij zagen die sterren in hun geboortebaan. Het was voor hen een teken, toen die sterren zich op één lijn bevonden, dat de Messias op aarde was.

40 O my! Geen wonder dat ze kwamen. "Waar is Hij? Waar is Hij Die geboren is als Koning der Joden? Wij hebben Zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem te aanbidden. Waar is Hij?" Zij wisten dat die jonge Messias ergens was, omdat God hun een teken van de tijd had gegeven, dat God en mens zich aan het verenigen waren. Wat een eenheid, toen God Zich verenigde in een menselijk lichaam! De voornaamste, de grootste van al de eenwordingen, die ooit heeft plaatsgevonden, was toen God Zich met de mens verenigde, en Zijn grote afkomst, zijnde God, verliet en Zijn tent uitbreidde en de mens binnenhaalde, en één van hen werd door Zich met hen te verenigen. Wat bracht dat? Dat bracht voor eeuwig vrede tussen God en mens. Wat zijn we daar dankbaar voor.

41 En tekenen werden niet gezonden... Nu, bedenk even, elk mens en al de sterrenkundigen... Voor de mensen in die dagen waren de sterren hun klok. Er was een wachter die boven op de toren klom en hij ging daar naar boven om te waken. En wanneer hij zag dat er bepaalde sterren in een bepaalde stand stonden als ze voorbijgingen, dan wist hij welke tijd het was. Herinner u in de Schrift: "Wachter, wat is de tijd?" En de wachter kwam terug en vertelde hem welk uur het was. Zie, zij hielden de tijd bij door de sterren.

42 Is het nu niet vreemd dat deze sterren precies samenvloeiden voor drie mannen en dat niemand anders het zag? Zie? Helemaal precies in lijn. Nu, zo kunt u in lijn zijn met de Schrift. Zie? Toen die sterren tot een eenheid kwamen, zich verenigden in deze constellatie, werden deze drie mannen tegelijkertijd evenzo verenigd. En zo kunt u verenigd worden met God, in Zijn Woord, totdat deze dingen werkelijkheden worden, en u ze kunt zien, en weet dat ze waar zijn. Zie? Het teken van de tijd! U zou er regelrecht overheen kunnen kijken en zeggen: "Ach, nonsens!"

43 Maar voor u is het geen nonsens. Voor u, u bent verenigd met het Woord, en zo is het. Dan is het absoluut juist, broeder Pat, wanneer u ziet dat dit teken zich verenigt met de gelovige. En dat is aan wie ik dit richt, aan de gelovige, want de ongelovigen zien het nooit. Wat een berisping zou het zijn als Hij vandaag op aarde zou zijn, voor velen van onze hedendaagse geestelijken die dit teken niet kunnen lezen; de tekenen die we hier dagelijks lezen in de Tabernakel en de dingen die we zien. Anderen lezen het en zien het teken aan de wand, maar toch negeren velen het gewoon en zien het zelfs helemaal niet. Het stelt voor hen helemaal niets voor; zij merken het niet op.

44 Merk nu op dat Hij hier nationale tekenen te kennen gaf. Nu, toen ze Hem hiernaar vroegen, wilden ze tekenen en Hij gaf hun tekenen die gebeurden. Ze wilden weten wanneer het einde van de wereld zou zijn en wat het teken van het einde zou zijn. En Hij wees hun vele plaatsen aan in de Schrift over nationale tekenen, over hemelse tekenen in de hemelen, over aardse tekenen; Hij gaf hun tekenen, tekenen, tekenen, steeds maar tekenen. En toen Hij hun daar op één plaats over een nationaal teken vertelde, zei Hij: "Wanneer gij zien zult, dat de naties zich rond Jeruzalem beginnen te verzamelen," zie, "dan weten wij, dat de tijd van haar verwoesting nabij is, wanneer u Jeruzalem omsingeld ziet door legers."

45 Nu, voordat men dit kon doen, moest God... moest de wereld zich verenigen. Titus, deze grote Romeinse generaal, moest zijn legers bij elkaar brengen en daarheen komen, nadat deze Joden het hun door God gegeven teken van de tijd hadden verworpen. Dat was de tijd dat Titus zijn legers verenigde en kwam om de stad in te nemen. Eerst moest er een vereniging zijn van Gods volk (het zogenaamde) tegen het Woord van God, voordat de naties zich konden verenigen tegen Gods volk. Zie, de eenheid, het verenigen; het samen verenigen.

46 Ik geloof dat wij leven in een belangrijke tijd van verenigen. Ik noteer deze rode signaallichten, en zwaailampen en van alles (het gedrag van de vrouwen en de mannen; en van de kerken en hoe zij handelen), om aan deze kleine groep te tonen dat ik met heel mijn hart geloof dat wij bezig zijn in lijn te komen met de lijn van Gods Woord in dit grote, profetische uur, vlak voor het komen van de Here Jezus. Een samen verenigen en gereedmaken.

47 Nu, ziet u, voordat Titus de naties... zijn legers verenigde, verenigde Israël zich en verbond zich, dat zij niet zouden geloven dat Jezus de Messias was. Zij verwierpen Hem, wezen Hem af en kruisigden Hem. En toen zij de redding verwierpen die tot hen gezonden was, verenigden zij zich om dat te doen. Nu, houd dat in gedachten: ze verenigden zich om de Boodschap van het uur te verwerpen! Zij moesten dat doen. En toen ze dat deden, toen kwam het nationale teken.

48 De volkeren begonnen zich aaneen te sluiten. Titus nam dit grote leger van Romeinen en Grieken en omsingelde de muren van Jeruzalem, sloot die mensen daar in en zij stierven de hongerdood. Ze aten de bast van de bomen. Josephus, de grote historicus, vertelt het ons. Zij aten het gras van de grond. Ze kookten zelfs elkaars kinderen en aten ze op. Zie, alsof ze krankzinnigen waren. Toen bevond Titus zich tenslotte daar op de heuvels rond Jeruzalem. En die mensen daarbinnen dachten dat zij de wil van God deden, toen zij deze legers zagen binnen marcheren. Zij hadden geweigerd naar die grote Meester, de Here Jezus, te luisteren, Die hen dat had verteld.

49 Er werd daar niet één van die Christenen gevangen, want zij hadden het teken gezien en waren vertrokken. Ziet u? Zij zeiden: "Die op het dak is, kome niet af; en die op de akker is, kere niet weer terug, om zijn klederen weg te nemen; maar vlucht naar Judea en bidt, dat uw vlucht niet geschiede des winters, noch op een sabbat." Want in de winter zouden de heuvels vol sneeuw liggen; en op de sabbat waren de deuren gesloten (de poort) en zouden ze in die toestand gevangen zijn geweest. Zie? We zullen het daar binnenkort over hebben, over hoe God die dingen doet, zo de Here wil.

50 Let nu op, Hij... Zij baden dat het niet op die wijze zou zijn. Jezus zei hun daarvoor te bidden, en niet één van hen werd daarbinnen gevangen. Zij waren vertrokken, omdat zij naar het teken keken; zij waren vertrokken, daarmee uit.

51 O, hoe zouden de kerken vandaag het teken moeten zien van de tijd waarin wij leven! Vlucht zo snel als u kunt naar Golgotha, voor leven; niet naar een of andere kerk, maar naar Jezus Christus. Verenig uzelf met Hem en niet met een of andere organisatie of een of andere kerkelijke geloofsbelijdenis. Verenig u met Christus en wees er zeker van dat Hij het is. U kunt niet gewoon maar iets nemen, u moet er volstrekt zeker van zijn dat Hij het is. Wat een tijd van verenigen!

52 Nu, we ontdekken dat zij de Messias verwierpen en zich daarna verenigden en voor zichzelf een bond oprichtten en bekendmaakten dat eenieder die Jezus zou ontvangen als Profeet, buitengesloten zou worden van de kerk. Herinnert u zich de blinde jongen die daar zat met blinde ogen? De discipelen zeiden: "Wie heeft gezondigd? Hij, of zijn vader of moeder?"

53 En Jezus zei: "In dit geval geen; maar opdat de werken Gods geopenbaard zouden worden."

54 En bedenk dat ze zeiden dat de vader en moeder het niet durfden te zeggen. Ze zeiden: "Zij weten dat deze onze zoon is, maar wij weten niet hoe hij genezen is." Want de Joden hadden gezegd dat iedereen die beleed dat Hij de Profeet was, zou worden geëxcommuniceerd.

55 Maar, ziet u, de werken Gods bestonden daarin, dat deze jongen niet tot die groep hoorde. En hij zei: "Nu, ik vind het vreemd dat gij niet weet van waar deze Man is, en nochtans heeft Hij mijn ogen geopend!" Zie? Nu, hij kon het zeggen. Zie, dat waren de werken Gods. Hij was genezen en gezond gemaakt en hij kon het zeggen, omdat hij op geen enkele wijze gebonden was. Hij was degene aan wie de werken waren gedaan en hij kon beslist zien voor de eerste keer in zijn leven.

56 Nu, de Joden verenigden zich tegen Jezus en tegen Zijn Messiasschap en Zijn Messiaanse Boodschap. Wij zien nu hetzelfde gebeuren, precies hetzelfde. Het communisme verenigt zich om de kerk te vernietigen, en de enige manier waarop het... dat is nadat de kerk zich eveneens heeft verenigd in de Raad van kerken, de Wereldraad van kerken, om de Boodschap, het Woord, te ontkennen en te vernietigen! Zij hebben het Woord afgewezen; de kerken! Zij kunnen het niet aanvaarden, omdat het tegen hun denominationele geloofsbelijdenis is. Ongeacht hoeveel vuurkolommen er in ons... te midden van de mensen zouden hangen, ongeacht hoeveel mensen er zijn, hoeveel dingen er zouden worden voorzegd die geschieden, en ondanks al de grote tekenen die Hij heeft beloofd voor deze laatste dag, kunnen zij het niet aanvaarden.

57 Daarom zijn zij nu bezig zich te verenigen en uw voorganger hier en velen die lezen, kunnen u vertellen dat de oecumenische beweging over de hele wereld plaatsvindt. En de... er staat een Lutheraanse predikant aan het hoofd. Zodat, als er hier in deze omgeving een ramp zou plaatsvinden en wij niet zijn verenigd in die oecumenische beweging, onze kerk geen kerk meer kan zijn, en zij zouden haar kunnen gebruiken als pakhuis. Of als een van de broeders iemand zou bezoeken die stervende of gewond was en zou proberen hem enige geestelijke zegening te bedienen, zouden we ervoor neergeschoten kunnen worden; precies juist. Men zou ons tien jaar gevangenisstraf kunnen geven voor welke bediening dan ook, omdat we geen lid zijn van deze oecumenische beweging. Ziet u het merkteken van het beest niet? Zie? Zie?

58 Nu, we zien dat deze tijd van verenigen komt. Zie? Nu, let op! En de kerk heeft zich dan verenigd tegen de Boodschap. En wanneer dat gebeurt, verenigen de naties zich in het communisme om vervolgens de kerk te vernietigen; helemaal precies zoals er in het begin gebeurde. Zie? Het herhaalt zichzelf weer precies zo.

59 Israël moest eerst de Boodschap afwijzen. En nadat zij de Boodschap afwezen, verenigde zich het militaire, het nationale leven (van de andere naties) en kwam binnen en vernietigde de kerk. En vandaag hebben zij de Boodschap van de Here Jezus afgewezen, en hebben zij het verworpen. En nu is de tijd gekomen dat het communisme de wereld verenigt tegen de kerk. Zie, het moet zo zijn. Nu, het is hard om dat te zeggen.

60 Het was moeilijk voor de Joden om te geloven. Ze zeiden: "Nu kom, broeders, we zien dat onze God met ons is, dus zullen we de tempel binnengaan. En nu zullen we bidden, en laat de heilige vader Zus-en-zo en heilige vader Zus-en-zo voorgaan in gebed. Sluit de poort!" En Titus nam zijn positie in en bleef daar ongeveer een jaar of nog langer. Zie, hij stond op wacht en hongerde ze helemaal uit. Niemand van hen kon de stad uit en ze stierven van de honger. En toen hij daar binnentrok en de muren neerhaalde, vloeide het bloed in stromen naar beneden, toen hij alles afslachtte wat zich daarbinnen bevond.

61 Nu, de Engel des Heren profeteerde daarvan in het Oude Testament en zei dat het zou gebeuren. En die predikers, die geestelijken waren, en die werden verondersteld daarvan op de hoogte te zijn en het de mensen te vertellen; in plaats daarvan, toen Jezus onder hen stond, kenden ze Hem zelfs niet. Ze probeerden er een of andere goocheltruc van te maken: "Toon ons een kunstje, laat ons zien hoe het wordt gedaan! Toon ons een teken." Zie? En Hij zei: "Ik..." Wel, Hij zei zo veel dingen en toch konden zij het niet begrijpen. Zie? En toen ze Hem verwierpen als hun... de Boodschap van die dag, verwierpen zij de Boodschap van die dag.

62 Zij faalden het teken van die tijd te zien. Hoewel het teken van de Bijbelse profetie aan hen werd getoond, zeiden ze: "Laten we nu binnengaan!" Zij waren heilige mannen. Zij waren mannen op wiens leven u geen aanmerking zou kunnen maken. Ze konden niet dat en tevens priester zijn. Een priester zou worden gedood; hij zou worden doodgestenigd, voor welke kleine zaak ook. Dus moest hij een rein, heilig leven leiden. Hij kon niets doen, anders werd hij gestenigd voor wat dan ook. En nu, zij waren grote en heilige mannen in de ogen van het volk en toch gingen ze binnen en zeiden: "Nu, we zullen... Wij hebben God, de God Die met ons is geweest door al de eeuwen heen. Wij zullen Zijn heilige tempel binnengaan." Dat was Gods heilige tempel! Maar, ziet u, Hij werd afgewezen in Zijn heilige tempel. Zie? "Wij zullen opgaan in het huis des Heren. Nu, al gij Hebreeën, weet dat wij het uitverkoren ras zijn, wij hier zijn het. En God is onze God; de God van Abraham, Izak en Jakob. Hij is met ons. Hij zal ons bevrijden van die onbesneden Filistijnen daarbuiten (als het ware), van die Romeinen en Grieken. Hij zal ons daarvan bevrijden. Laten we het huis des Heren binnengaan!"

63 Dat klonk goed, maar wat hadden ze gedaan? De Bouwmeester van dat huis was daarbinnen, in de vorm van een nederige Galilese timmerman, en ze wezen Hem af, terwijl God Hem had betuigd als Zijn Boodschapper van dat uur en van stand, en zij wezen Hem af. Dus al het bidden, al de oprechtheid, al hun offers, betekenden niets voor God. Zij hadden het gedaan! En God liet dit grote leger zich verenigen om het te vernietigen.

64 En vandaag zien we hoe de kerken door de denominaties enzovoort, het Woord van God afwijzen. Zij willen niet dat u hen van deze dingen vertelt, hoewel de wetenschap het door foto's en al het andere kan bewijzen, maar ze willen er toch niets mee te maken hebben. Dus stelt het communisme zich op om het te vernietigen, helemaal precies zoals Titus deed. En de Bijbel zei dat ze het doen zouden. Precies!

65 Ziet u nu waarin we leven? In de tijd van verenigen. Wanneer we zien dat deze dingen worden verenigd, o, waarom blijven we in gebreke om die dingen te zien? U kunt hier in de Schrift kijken en zien waar Hij heeft beloofd wat Hij zou doen. Nu, we zien het gebeuren. We zien in de gemeente wat Hij heeft beloofd te doen; we zien het geschieden. We zien de naties zich verenigen. We zien de 'ismen' zich verenigen. We zien de kerken zich verenigen. Het is de tijd van verenigen. Het is het uur van vereniging. Dat is de geest van het tijdperk: "We moeten ons verenigen." Alles waar u over spreekt, moet worden georganiseerd; zelfs de regering zal het niet ontvangen.

66 U weet, als burger... ik kan als burger niet... hoewel ik een burger van de Verenigde Staten ben, zou ik het niet wagen om, als u me een cheque van vijf dollar zou geven, er mijn naam onder te zetten. Zie, zie, ik zou dat niet kunnen doen. Zie, het is een tijd van verenigen. Het moet allemaal via een of andere vereniging gaan en dat verbond is precies datgene wat het merkteken van het beest brengt. Zie? Het is een tijd van verenigen en het stuurt daar regelrecht op aan. U kunt het gewoon met uw eigen ogen zien, als u ernaar zou kijken. Het is een tijd van verenigen, waarin alles zich samen verenigt.

67 De Joden verenigden zich tegen Jezus, als hun Messias. We zien wat er daarom gebeurde. Wij zien nu hetzelfde. Het communisme verenigt zich om de kerk te vernietigen, nadat de kerk zich heeft verenigd in de Wereldraad van kerken en probeert de Boodschap te vernietigen, het Woord van God. Zij hebben geprobeerd zich ervan te ontdoen. Het enige wat ze kunnen doen is bij elkaar komen in een raad, omdat zij gescheiden zijn; een kleine groep hier, de Methodisten, Baptisten, Lutheranen, Presbyterianen, Kerk van Christus, enzovoort, op die manier. Zij kunnen niets doen, omdat deze tegen die zal zijn, en deze is tegen de andere, hun leer verschilt net zover als het oosten is van het westen. Zie, ze kunnen het niet. Maar eenmaal bij elkaar, onder één groot hoofd, hebben ze het voor elkaar. Dan hebben ze het bereikt.

68 Daarom zijn de Katholieken zo'n eenheid, de Rooms-katholieken, natuurlijk zijn zij in een eenheid, zij zijn... de Rooms-katholieken zijn in de meerderheid; de Grieks- en andere Katholieken zijn er niet zoveel als de Rooms-katholieken. Zij verenigen zich nu, en daarom staan zij samen. Ongeacht wat er plaatsvindt, die paus is het hoofd van alles. Ziet u? Ongeacht wat iemand anders zegt: "Hij is de onfeilbare, hij is een plaatsvervanger van God, dat is alles. Hij is het die op God volgt; en hij heeft de rechtsbevoegdheid over hel, hemel en vagevuur." Zie? Dus er kan niets worden gedaan in dat geval; wat hij ook zegt, dat moet gebeuren.

69 Nu, de Protestanten maken zich net zo'n hoofd. En niet... De Bijbel zei: "Er werd een beeld gemaakt voor het beest." Wat is een beeld? Het is iets wat erop lijkt, wat net zo wordt gemaakt. Daar is het, dezelfde zaak. Wat is het? Door zich te verenigen, en dit is de geest van het tijdperk: verenigen.

70 Ze verenigen zich nu om te proberen de Boodschap te vernietigen. Hoe vernietigden zij het? Hoe zouden ze het Woord van God kunnen vernietigen? Zij kunnen het zonder kracht maken, krachteloos, door tradities te nemen, zoals zij vroeger in den beginne deden en het Woord van God krachteloos maakten. Zie, zij hebben: "Ach die... Werkelijk, per slot van rekening..." Ziet u hoe deze ongelovige vrouw probeert om... ze... ik ben nu haar naam vergeten; als ik die zou kunnen noemen. Ze... Ik probeer aan zovelen te denken.

71 Ik dacht aan deze Miss Nations onlangs; ik wilde dat we nog zo iemand hadden die zo zou optreden. Zij was het die de bars binnenging en de whisky eruit smeet, de uithangborden eruit gooide en dergelijke. Waarom staat er vandaag niet één of andere vrouw op zoals dat, om hier naar buiten te gaan om wat van deze naaktfoto's van deze vrouwen van haar eigen geslacht, en dergelijke, eraf te scheuren? Ziet u, die zijn er niet meer.

72 Nu, maar deze vrouw, een ongelovige, zei dat het niet volgens de grondwet is om uit de Bijbel te lezen op openbare scholen, enzovoort.

73 Nu, ze hebben ook... Hebt u ook opgemerkt wat ze nu proberen te zeggen? En grote Bijbelgeleerden zeggen dat veel van de profetie die is geprofeteerd in de Bijbel absoluut fout was en nooit is gebeurd. U hebt daarvan gehoord en het gelezen. En ze proberen van alles te zeggen, ziet u, zij proberen de uitwerking van dat Woord te vernietigen. Als zij het maar kunnen vernietigen en het kunnen vervangen door een geloofsbelijdenis of iets menselijks, wat in hun ogen beter schijnt dan het Woord, dan vernietigen zij het met hun traditie. En zo proberen ze het Woord van God te vernietigen, door denominationele politiek.

74 Nu, elke kerk heeft haar eigen politiek. De Kerk van Christus heeft de hare, de Christengemeente de hare en de Baptisten, de Methodisten, de Presbyterianen, ze hebben allemaal hun verschillende politiek. Nu schuiven ze dat opzij, omdat ze daardoor van elkaar gescheiden zijn. Zie, het zou niet eerder hebben kunnen gebeuren, zij moeten het nu doen. Zie, dit is de tijd van vereniging, en nu komen ze allemaal bij elkaar en werken samen en kijk waarmee ze dan voor de dag komen. My, dat het is als het bakken van een brood uit paardenvlees, met huisvuil uit het vuilnisvat en wat ze maar meer samen hebben; ze roeren het door elkaar en gooien er nog wat rotte aardappels en zo door en kijk wat het resultaat is. Ik zou er beslist niets van willen hebben. O nee! Dat is de manier waarop ze het doen. Zie, ze nemen mensen die geloven dat Jezus een mythe was, een kerk die gelooft dat Jezus een mythe was; van de anderen zijn er sommigen die geloven dat Hij een profeet was.

75 De één zegt: "De dagen van wonderen zijn voorbij."

76 De ander zegt: "Er zou zoiets wel eens kunnen bestaan."

77 En dit alles doen ze bij elkaar; en de Bijbel zei: "Hoe kunnen twee te zamen wandelen, tenzij dat zij het eens geworden zijn?" Zie? Nu, dat is het soort eenheid dat ze hebben gekregen. En ze zetten de een of andere grote, heilige vader aan het hoofd en daar hebt u een beeld van het beest, precies zoals de Bijbel zegt. Ze hebben nu een Lutheraanse prediker aan het hoofd. Wel, we zien dat het de tijd van verenigen is. Hetzelfde nu, het communisme en alles verenigen zich; in de wereld en in de kerk enzovoort verenigen ze zich samen.

78 Let op de natuur. O my! Wanneer u gewoon op de natuur zult letten; zij doet hetzelfde. De natuur is Gods kalender van de tekenen. Wist u dat? Jezus vertelde hun op de natuur te letten. De zee zou bulderen, zie, en er zouden verschillende dingen gebeuren; aardbevingen op diverse plaatsen, volk zou opstaan tegen volk, tekenen in de hemel, tekenen op de aarde, overal zouden er tekenen zijn van deze komende tijd.

79 Let op de wolken. Weet u hoe dat gebeurt, voordat de wolken een zwepende stortregen kunnen veroorzaken? Verschillende kleine wolken komen samen en vormen één grote wolk. Wel, deze heeft een klein beetje wind die hem voortblaast, die andere heeft een klein beetje wind die hem voortblaast en als ze allemaal samen voortgeblazen worden, ontstaat er een orkaan. Zie? Zij verenigen zich vóór de storm kan losbreken; ze moeten het.

80 Let op de eenden en ganzen die zich verenigen voor ze hun land verlaten. Zie? Zij verenigen zich. U kunt ze zien vliegen van deze vijver naar die vijver, van hier naar daar, ze komen allemaal bijeen. Zij verenigen zich, ze maken zich gereed voor de trek. Zie, dat is de natuur. En God schiep de natuur en de natuur werkt volgens het plan van God. Het is een wet, een ongeschreven wet van God, dat de natuur werkt volgens Zijn wet.

81 Precies zoals het spreken bij een begrafenisdienst; over het sap dat neerdaalt in het graf, naar beneden de boomwortel in, om daar te rusten tot de opstanding in het voorjaar. Het is Gods wet. Er is geen intelligentie die dat sap daar naar beneden kan laten gaan; u kunt het er niet uit laten lopen, u zou het er niet uit kunnen melken. Er is geen enkele manier om het ook maar iets beter te kunnen doen dan hoe God het doet. God heeft de volmaakte wijze. Dus als dat blad afvalt, dan zendt Hij dat sap naar beneden in het graf en verbergt het. Zoals Job zei: "Och, of Gij mij in het graf verstaakt, totdat Uw toorn zich afkeerde." Zie? Het gaat naar beneden voor de vorst invalt, omdat het een natuurwet is. Kijk naar de bladeren die nu beginnen te vallen. Waarom? Het is een natuurwet.

82 De eenden zullen samenkomen, allemaal, en zich rond een leider verzamelen. Op de een of andere manier weten zij het, ik weet niet hoe, maar zij weten dat die bepaalde kleine woerd de leider is. En ze komen allemaal bij elkaar en verzamelen zich rond die kleine makker en stijgen dan meteen de lucht in. En hij zal... Hoewel hij nog nooit die vijver had verlaten, vliegt hij zo rechtstreeks als hij maar kan naar Louisiana of Texas, naar het rijstveld. Zie, voor zij aan hun vlucht beginnen om hun thuis te verlaten waar ze dat jaar zijn geboren, verenigen zij zich. Amen! Dat is het; ze verzamelen zich rond hun leider.

83 De moeilijkheid met de mens is, dat hij zijn leider niet kent. Jazeker. Ze zullen zich verzamelen rond een denominatie, ze zullen zich verzamelen rond een bisschop of een mens, maar zij willen zich niet verzamelen rond de Leider, de Heilige Geest en het Woord. Zie? Ze zeggen: "O, wel, ik ben bang dat ik een beetje fanatiek zal worden, ik ben bang dat ik een verkeerde stap zal begaan." Oooo, dat is het! Wat als de kleine eend zou zeggen: "Ik houd niet van de manier waarop zijn veren zitten. Ik geloof niet dat ik hem zal volgen." Hij zal doodvriezen. Je zal daar opgepakt worden, als je niet meegaat met de zwerm als ze vertrekt. Zij komen samen. Dat gebeurt door de natuur.

84 Ganzen verenigen zich, verzamelen zich rond hun leider; zij doen hetzelfde.

85 Hebt u ooit op die zwermen bijen gelet? Bijen zullen zich rond hun koningin verenigen, voor ze uitzwermen. Dat is juist. En waar zij heengaat, gaan zij ook heen. Ja! Wat doen ze? Zij verenigen zich voor ze uitzwermen. Precies; de hele natuur!

86 Vissen komen bij elkaar voor de voorjaarstrek. Ginds in de oceaan kunt u ze vinden, die grote... wat wij 'humpy's' noemen, de zalm. Wanneer zij daar komen voordat die trek begint, zult u er tienduizenden ginds in die zee overal vandaan zien komen; uit het zoute water, want eigenlijk zijn het zoetwatervissen. Dan komen ze regelrecht naar dat zoete water om stroomopwaarts te gaan voor het paaiseizoen. Ze trekken ongeveer elke vier jaar stroomopwaarts om kuit te schieten en ze sterven zodra ze kuitschieten. En ze weten dat ze daar heengaan om te sterven; en u zou ze nergens mee kunnen tegenhouden. Ze zullen vistrappen op springen en al het andere, om daar boven te komen, wetend dat ze op weg zijn naar hun dood. Maar de wet van de natuur laat het ze doen, wetend dat ze daar in hun ouderdom naar boven gaan om kuit te schieten en te sterven. En de jongen komen ter wereld en iets brengt ze dan samen en dan gaan ze weg de oceaan in. Het is het verenigen! Het is een wet. U kunt gewoon Gods wet niet overtreffen.

87 Naties zijn aan het breken, want het is nu de tijd waarvan we begrijpen dat dit zou moeten gebeuren. Wij zijn in het proces van nationale onrust. We zien dat landen de betrekkingen verbreken. Jaar na jaar, ontdekken we dat dit land is opgeslokt door het communisme; dat dat land is opgeslokt door het communisme. En hier, ons eigen land is ondermijnd door het communisme en het zal het overnemen! Zie, het zal het doen, er is geen mogelijkheid om het tegen te houden. Waarom? Om dezelfde reden als waarom u Titus niet kon tegenhouden. De mensen hebben God en Zijn Woord verworpen. Jazeker, dus ze zullen het doen en we zien het regelrecht gebeuren.

88 Ik heb gewoonlijk een paar uur nodig; ik ben nu al ongeveer dertig minuten bezig. Zie? Maar om dit alles erin te krijgen moet ik gewoon voortmaken. Bestudeert u het wanneer u thuiskomt.

89 Bemerk dat ze zich nu op dit moment aan het verenigen zijn. U zegt: "Broeder Branham, is dat waar?" Ze zullen komen tot de slag van Armageddon; dat is precies wat ze zullen doen. Zie? Ze verenigen zich daar nu voor. Daarom hebben we de V.N. en alles wat er is. De westerse wereld verenigt zich tegen de oosterse wereld, het communisme enzovoort, het is zich allemaal aan het verenigen. De kerken verenigen zich. Alles schijnt zich te verenigen. Verenigen, zich samen verenigen, dat zien we.

90 Ook, terwijl al dit verenigen van de landen plaatsvindt, deze tekenen, nationale tekenen, die we hier in de wereld zien, aardbevingen op verschillende plaatsen, verschillende dingen die zich verenigen; die de wereld, de mensen, al de kerken, en al deze dingen bij elkaar brengen. En terwijl al dit verenigen aan de gang is, is er ook een ander verenigen aan de gang. Amen! Daar wil ik u nu op wijzen.

91 God is bezig Zijn bruid te verenigen. Zij komt bijeen vanuit het oosten en het westen, het noorden en het zuiden. Er is een tijd van verenigen en die is nu op dit moment aan de gang. Waarvoor verenigt zij zich? De opname. Amen! God is bezig haar gereed te maken. Jazeker, vereniging! Waar verenigt zij zich mee? Met het Woord! "Want de hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan." Zij verenigt zich met ZO SPREEKT DE HERE, ongeacht wat welke denominatie of wie anders ook zegt. Zij is bezig zich te verenigen. Zij maakt zich gereed. Waarom? Zij is de bruid. Dat is juist. En zij heeft zich verenigd met haar Bruidegom, zie, en de Bruidegom is het Woord. "In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God." "En het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond."

92 En de gemeente, en de bruid, en het Woord, worden zo één, dat het Woord Zelf het werk van de Bruidegom uitwerkt. Amen! Ziet u het? Een vereniging! Nee, niet meer: "Word lid van de kerk", niet meer van dit, maar vlucht bij alles weg en word verbonden aan Jezus Christus. Zie? Het is de tijd van verenigen. God Die Zijn bruid samenbrengt, haar terugbrengt, helemaal precies; Die de woorden van Zijn belofte samenbrengt.

93 II Thessalonicensen het tweede hoofdstuk. [I Thessalonicensen 4 – Vert] Er staat in dit vijfde hoofdstuk dat de heiligen die rusten in het stof der aarde zullen ontwaken. En dan zullen wij ons met hen verenigen (de levenden met degenen die dood zijn geweest.) We zullen verenigd worden voor we zelfs daar boven komen, omdat de bruid voltallig zal zijn, wanneer ze daar komt. Degenen die leven, die zich hebben verenigd met het Woord, en degenen die reeds zijn ontslapen en dat deden; allen komen tezamen en vormen één grote vereniging die samenkomt, alvorens ze naar boven gaan. Amen!

94 Het communisme moet opkomen en deze andere dingen moeten opkomen, en de kerk moet zich ginds verenigen onder de volkeren daar in de Wereldraad van kerken; en de bruid moet zich verenigen onder het Woord van God. Teneinde dat te doen, heeft God een hemels teken en dingen naar beneden gezonden, die aan de gemeente bewijzen dat daar een land is. Amen.

95 God; tijd van verenigen! Jazeker. O my! Nu, bedenk nu dat er een verenigen is van het Woord, een weer terug verenigen, het geloof terugbrengend, dat eens aan de heiligen werd overgeleverd. Terugbrengen! Dit kon alleen in deze tijd gebeuren. Alleen precies nu kon dat gebeuren. Nooit werd het elders aangepakt; men was heengegaan met feestjes van denominaties. Maar nu behoort het niet tot een denominationeel feestje, omdat het de tijd is voor de vereniging van mannen en vrouwen uit elk ras, van elke kleur, elke geloofsbelijdenis, alles komend onder Christus door de doop van de Heilige Geest, en terug tot het Woord.

96 Verenigingstijd voor de gemeente! O my! Elk Woord verenigend dat overal heen werd verstrooid door deze organisaties; helemaal sinds Nicéa, Rome, de eerste gemeente organiseerde, en men Luther organiseerde, men Wesley organiseerde, men heel de rest van de kerken organiseerde. En omdat ze dat deden moesten ze een geloofsbelijdenis aannemen. En toen God iets anders zond, konden ze het niet ontvangen. Daarom was het tot heden niet mogelijk. En God beloofde in de laatste dagen, dat het geloof van de vaderen weer terug zou worden hersteld aan de bruid, dat het op deze manier zou zijn, en het kon in geen andere tijd gebeuren dan in deze tijd. Kijk wat een teken van de hemel: als een Vuurkolom Die onder ons hangt, met tekenen en wonderen van de Here Jezus Christus. En als Hij tot ons spreekt, is het nooit anders dan volmaakt juist. Amen! Dan zien we waar we staan. Tijd van vereniging!

97 We zien de naties zich verenigen, we zien de wereld zich verenigen, we zien het communisme zich verenigen, we zien de kerken zich verenigen; en we zien God Zich verenigen met Zijn bruid, tot Hij en de gemeente één zijn; zoals het gezin dat bij elkaar is. Juist! Zich samen verenigend; God Die verenigt! Waarom? Nooit tevoren, sinds het eerste gemeentetijdperk, was de Vuurkolom ooit onder de mensen. Nooit tevoren, sinds het eerste gemeentetijdperk, zagen ze ooit de dingen die wij vandaag zien. Dit werd alleen mogelijk gemaakt toen God de zeven zegels zond en ons daarbij een teken gaf, door zeven engelen te zenden uit de hemel, die kwamen om dat Woord dat verstrooid was in die denominaties, terug te brengen en het weer terug in verband te brengen in het Woord van God, om Zijn Heilige Geest neer te laten komen.

98 Jezus zei: "Indien gij in Mij blijft, en Mijn woorden in u blijven, vraag dan wat gij wilt, en het zal u geschieden." De bruid wordt weer met het Woord, hetwelk God is, verenigd. De gemeente en het Woord, niet de gemeente en de geloofsbelijdenis, de gemeente en het Woord; de bruid en het Woord samen verenigd. O, my! Wat een... Om wat terug te herstellen? Het geloof van de oorspronkelijke Pinkstervaderen, zie, dat verstrooid was door Luthers groep. Niet door Luther zelf; niet door Luther, niet door Wesley, niet door die grote stichters. Maar na hun heengaan, kwam er een kerk op en zij... Wat zij toen daarmee deden: zij maakten er een organisatie uit. Zij aanvaardden geloofsbelijdenissen enzovoort en zij wendden zich af. En kijk er vandaag naar, ze zijn nu in die Wereldraad van kerken terechtgekomen.

99 Nu, ziet u; maar nu in de laatste dagen, ziet u, zien we dingen gebeuren die nooit tevoren zijn gebeurd. Zie, het is Gods teken, en al dit verenigen is het teken van de tijd. We willen daar nu zorgvuldig naar kijken en heel zeker zijn dat we het begrijpen. Zij verlaten het ware Woord voor denominaties; om geloofsbelijdenissen en meningen van verschillende mensen te accepteren in plaats van het Woord te nemen.

100 Openbaring 10 spreekt van de boodschap van de zevende engel. Nu bedenk, dat is precies bij de zeven bazuinen, en er zijn zeven engelen die zeven bazuinen blazen. Daar komen we vervolgens op. Maar bedenk, daar staat zeer duidelijk niet de 'bazuin' van de zevende engel, maar de 'boodschap' van de zevende engel! Zie, niet de engel met de bazuin, maar de engel met de boodschap. Zie, de engel blies alleen een bazuin, die zevende engel. De engel van de bazuin was deze, die in de dagen van de boodschap van de zevende engel; zie, wanneer zijn boodschap is beëindigd. Zie, dat is de boodschap aan het gemeentetijdperk. En deze tijd zou hij dan... de boodschap, niet de bazuin... en de verborgenheid van God (dat staat geschreven in het Woord) zou zijn voleindigd.

101 Kijk nu in wat voor tijd we leven! Kijk naar die zegels, hoe ze dat verstrooide Woord van God bijeen trokken, hoe Luther en al de anderen, hoe die grote hervormers optraden; ze werden ons in de Bijbel getoond, rechtstreeks waar ze behoorden; elke man precies op z'n plaats, wat hij zou doen, en wat er zou gebeuren met de gemeente; wat hij zou doen en wat er zou gebeuren met de gemeente; al deze dingen die hij liet liggen. En toen in de laatste dag, terwijl wij er niets over wisten, werd ons tevoren een bepaalde zaak die zou gebeuren voorzegd; en zelfs de nieuwsbladen en dergelijke namen het op, en het komt neer en openbaart het en brengt de geheimenissen bij elkaar. Amen! Broeder, dat is subliem voor mij! Dat brengt voor mij het Woord in verband! Ik geef er niet om wat... of ik geef er wél om wat de mensen zeggen of denken, dat is goed, maar voor mij is het de Waarheid van de Bijbel.

102 Zoals de wijzen, die uit Babylon kwamen, het uitriepen: "Waar is Hij, de geboren Koning der Joden? Hij is op dit moment op aarde, we moeten Hem vinden." Dat is waar. En ik geloof dat Zijn komst zo nabij is, dat ik kan zeggen: "Zie, de Bruidegom komt! Ik hoor de middernachtelijke roep!" Halleluja! We zijn precies bij de eindtijd. O my, het uur waarin wij leven. Let op... Zie?

103 Wat een dag! Wat een tijd, waarin wij leven, waarin dit grote geheimenis van God wordt voleindigd, de Godheid naar voren wordt gebracht, tonend wat het inhoudt; hoe deze kleine 'ismen' afweken en Hem dit maakten, en iemand maakte Hem zo, en iemand maakte Hem dat. Maar de Engel des Heren kwam neer en bracht al hun 'ismen' naar voren en trok die Waarheid eruit en bood het ons aan. En daar is het, gewoon zo volmaakt als het maar zijn kan. Er is geen andere weg die u zou kunnen gaan. Daar is het, dat is wat Hij is. Zie, het slangenzaad, al deze verschillende dingen die zo geheimzinnig zijn geweest voor de mensen. Zie, wat is het? Hij had... Dit is het teken, waarvoor? Om te verenigen!

104 Wat zei Hij in Maleachi 4? Hij zou herstellen! Het oorspronkelijke pinkstergeloof weer terug herstellen tot de mensen met dezelfde pinksterboodschap, hetzelfde pinksterteken, hetzelfde pinksterbewijs, dezelfde God, dezelfde kracht, dezelfde onderwijzing, alles precies zo, met de betuiging van dezelfde Vuurkolom, Die Paulus neervelde op de weg naar Damaskus. Deze is onder ons vandaag en doet dezelfde dingen als die Hij in die dag deed. Verenigend!

105 Wij zien de volkeren zich verenigen, we zien de wereld zich verenigen, we zien de kerken zich verenigen. Wij zien dat de bruid zich verenigt; zich verenigt met het Woord. Waarom? Het Woord is God. En als het Woord... Als de Bruidegom (Die het Woord is) en de bruid (die de hoorder van het Woord is) komen ze samen in een verbond. Zij verenigen zich als in een huwelijk. Zie, ze maken zich gereed voor een huwelijk, en ze worden één. Het Woord wordt u, u wordt het Woord. Jezus zei: "In die dag..." weet u wat? "Al wat de Vader is, ben Ik; en al wat Ik ben, bent u, en al wat u bent, ben Ik. In die dag zult gij bekennen, dat Ik in Mijn Vader ben, de Vader in Mij, Ik in u en gij in Mij." Zie? In "die dag". Welke dag? Deze dag! We ontdekken dat de grote verborgen geheimenissen van God geopenbaard worden. O, wat houd ik daarvan!

106 O, kijk hoe de wetenschap en het Woord niet zo met elkaar vergeleken zouden kunnen worden als men vandaag doet. Vroeger kon men dat niet. Pas nu is dat mogelijk.

107 Merk op, Hij sprak van hemelse tekenen, tekenen aan de hemel. De wetenschap en nationale tekenen... Ze hebben tegenwoordig grote tekenen aan de hemel, ze hebben astronauten en alles. Maar wat brengen deze astronauten teweeg voor de wereldse wetenschap? Het brengt ze vrees. Ze weten niet op welk moment men iets dergelijks omhoog zou kunnen sturen om deze bommen te laten vallen en we er niet meer zouden zijn. Zie? Nu, dat zijn de tekenen die zij hebben gekregen: vreesaanjagende schouwspelen in de hemel. Zie? Ze hebben atoomprojectielen en alles, allerlei tekenen.

108 U hebt gehoord van dit verdrag dat ze onlangs ondertekenden, dat ze geen enkele bom meer bovengronds tot ontploffing zouden brengen. Maar nu doen ze het onder water en diep in de grond, ze op dezelfde manier testend. Zie? Ze ondertekenen een verdrag: "Wij zullen dit niet doen, als u zegt dat u het ook niet zult doen. (Maar we zullen terug naar huis gaan en het op deze manier doen; o, wij weten dat jullie daarginds precies hetzelfde doen.)" Zie? Het is gewoon niets waard, er ontstaat totaal geen vertrouwen onder hen, er is geen... er is niets. U kunt... Zie? En elkeen is bevreesd voor de ander. Dat is een angstaanjagend teken.

109 De wetenschap en de mens en volkeren hebben een vreesaanjagend teken geproduceerd aan de hemel. Dat is werkelijk waar. Nu, ze vrezen elkaar. En er is een hemels teken gegeven aan de... Zie nu, ze hebben nu ook een teken in de hemel, een vreselijk teken, een ruimtevaarder in een raket. Men zou daar een atoomprojectiel in kunnen hebben, dat men zou kunnen laten vallen om het hele land te vernietigen. Ze gaan omhoog als astronaut en verblijven daarginds. Niets kan hen ervan weerhouden om het uit te voeren. Ze kunnen het zeker doen op elk moment dat ze maar willen. Ze kunnen alles tot stof maken binnen vijftien minuten vanaf nu als ze dat willen, en wat de één kan, daartoe is de ander ook in staat. Dus u ziet dat ze een teken hebben, maar dat soort teken maakt hen bevreesd.

110 Ze zijn zich aan het verenigen, en brengen hun machten samen. De vrije wereld brengt haar macht bijeen. Het communisme brengt haar macht bijeen met Rusland. Iedereen; maar elkeen is bevreesd voor de ander, zie, het is een vreesaanjagend teken. Dat is waar. Dat is een nationaal teken, zie?.

111 De gemeente echter heeft een hemels teken ontvangen; een Ruimtevaarder! Amen! Jezus Christus, in de vorm van een Vuurkolom, Die Hij was in het Oude Testament, Die Hij was toen Hij Saulus ontmoette ginds op de weg naar Damaskus, dezelfde Jezus is hier vandaag! En wat veroorzaakt het? Brengt het vrees? Het brengt liefde, die de een met de ander verenigt. Amen! Een medegevoelen voor elkaar. Het brengt de liefde van God, o, het verenigt ons en brengt ons (het lichaam van Christus) in eenheid als bruid. Dat veroorzaakt het nu, deze grote vereniging die God...

112 Zij zijn zich aan het verenigen, één groep hier om de andere te bestrijden, een groep hier om die andere te bestrijden. De kerk staat hier tussen hen in; let u op wat er gebeurt, ze zal zich met hen verenigen. Dat is precies juist. Maar, nu ontdekken we dat dat vrees brengt en zenuwachtigheid.

113 Maar de gemeente (de bruid) wordt verenigd door één God, onder één Geest (de Geest Gods), in één heilige vereniging van God, om één heilige bruid voor God te zijn. Dat is juist, allemaal tezamen; eenheid van het lichaam. Het lichaam wacht als een bruid; daar het de bruid is, zoals wij onszelf de bruid noemen. Voor de tijd van vereniging van de bruid, komt de gemeente zo bij elkaar. Het behoorde zo'n liefde onder ons te scheppen dat we nauwelijks bij elkaar vandaan zouden kunnen zijn. Dat is waar. We zouden... Dan hoeft u de mensen niet meer te smeken om te bidden, u hoeft hen dan niet meer te smeken om God te aanbidden, u hoeft hen niet te smeken om te doen wat juist is. Ze hebben Hem gewoon zo lief, dat er niets anders bestaat.

114 Wat zou u denken van een meisje, een heel knap meisje, dat zou gaan trouwen met een of andere knappe jongeman waar ze zo vreselijk veel van houdt, dat het voor haar meer betekent dan haar eigen leven. En ze weet heel zeker dat ze zullen trouwen. Naarmate die trouwdag nadert, die kleine makker, ik zeg u dat zij voortdurend bezig is. Zie? Ze maakt gewoon alles klaar; ze geeft zich volledig over aan hem. Dat is waar. Ze wil alles doen wat hem behaagt! Wel, op die wijze behoort de gemeente vandaag te zijn, dat ons leven zo verborgen behoorde te zijn in God door Christus, daarin verzegeld door de Heilige Geest.

115 Wat ik u hier heb geleerd is dat deze tekenen en verschillende dingen bezig zijn te gebeuren. Ik heb nu geen tijd om erop in te gaan; ik zal het in een andere boodschap doen, zo de Here wil. Maar er is één klein ding dat toch nog ontbreekt in de gemeente. En we willen dat vatten, ik sta nu precies op de rand ervan. Zie? We willen daartoe komen, als... u moet dat doen. Als u het niet doet, is alles voorbij. U moet het doen. Want kijk eens, de tijd van verenigen is nabij, want God is bezig de gemeente samen te brengen voor een opname om naar het huwelijk te gaan voor de grote vereniging: wanneer God en de mens zich voor de eeuwigheid zullen verenigen, wanneer schepselen van de tijd zich verenigen met de Eeuwige.

116 Dit gebeurde eens in de vorm van de Zoon des mensen op aarde. En Hij moest Zijn leven geven om een kracht teweeg te brengen, om andere mensen met deze zelfde kracht te verenigen voor de bruid van Jezus Christus. En nu is de gemeente bezig zich te verenigen tot het lichaam van Christus. Zij is bevrijd, afgesneden van elke kleine keten, zich gereedmakend, samenkomend in onderlinge eenheid; o, welk een liefde en vreugde! En de Heilige Geest Die onder hen vaardig is. O my, wat een tijd!

117 Als we de eenden zich gereed zien maken... we zien de ganzen zich gereedmaken, we zien de beesten... de bijen zich gereedmaken, we zien wolken zich gereedmaken voor de regen, we zien hoe alles zich samen verenigt voor de grote crisis. We zien de volkenbond van de landen zich samen verenigen in het communisme. We zien dat zij zich verenigen hier in de westerse wereld. We zien dat de kerk zich verenigt, al deze andere. Dus het is absoluut onmogelijk, in geen andere tijd had het zo kunnen plaatsvinden! Het had twintig jaar geleden niet zo hebben kunnen gebeuren. Het had zo niet hebben kunnen zijn. Het had tien jaar geleden niet op deze wijze kunnen zijn geweest, maar het moet precies nu plaatsvinden. Zie, omdat deze 'ismen' en dergelijke nog niet tot deze toestand waren gekomen.

118 Word nu wakker! Schud uzelf snel door elkaar, en kijk waar we aan toe zijn! Waar zijn we? Zoals die wijzen, zijn we precies in lijn met Zijn Woord en het licht van de Here schijnt op ons pad. Ere zij God in de hoge. En ere zij God Die ons Jezus Christus heeft gegeven, Die we liefhebben en Die ons tot deze plaats heeft gebracht. En als wij... We zijn Zijn volk, gekocht door de prijs van Zijn bloed.

119 O my! Wanneer de tijd van verenigen komt, lijkt het alsof we met elkaar worden verbonden door de band van Zijn Geest... Kan het Zijn Geest zijn? Zeker is het Zijn Geest! Waarom is het? Het is Zijn Woord en Hij is... dat is de Geest van het Woord. En wanneer die Geest der belofte op u komt en Zich bewijst en Zich hier toont, is het niet dezelfde Geest? Het was Diegene Die bij Mozes was in de woestijn! Het was Diegene Die op Jezus Christus was! Hij was Degene Die Saulus ontmoette op de weg naar Damaskus! Hij is Dezelfde gisteren, vandaag, en in eeuwigheid! En Hij doet hetzelfde!

120 We zien de naties bijeen, we zien de kerkelijke leiders bijeen, we zien het communisme bijeen, we zien de 'ismen' zich verenigen, we zien al deze dingen; en nu zien we dat de bruid zich verenigt met het Woord. O my! Het is tijd dat de heiligen zullen opstaan om zich te verenigen met diegenen die leven, om te gaan en zich voor eeuwig te verenigen met Jezus Christus.

121 Moge God ons helpen, iedereen, om ons vanavond te verenigen met Christus, om ons alles wat we zijn, over te geven, alles wat we hebben (geheel onze ziel, lichaam en verstand) aan Jezus Christus en uit te zien naar die tijd van vereniging.

Als het bazuingeschal des Heren klinkt, en er geen tijd meer zal zijn,
En de eeuwige morgen aanbreekt, helder en klaar;
Wanneer de doden in Christus zullen opstaan en zich ginds aan de andere oever verzamelen (met de bruid die leeft),
Om samen te worden opgenomen.

122 Kijk naar de vereniging! God, Die de gemeente verenigt met Zijn Woord, het Woord met de gemeente, opdat zij beiden dezelfde worden: "Spreek dit, en het zal gebeuren. Doe dit en het zal gebeuren. Dat is het! Dit ben Ik voor u, Ik ben het Die het bewijst; Ik ben met u." Al...

123 We zien dat nu de tijd komt dat de bazuin klinkt, en die eertijds ontslapen heiligen, die zonder ons niet tot volmaaktheid konden komen (Hebreeën 11), zij zijn van ons afhankelijk; en wanneer zij samenkomen, verenigen zij zich met de levenden. De gemeente verenigt zich met het Woord. Dan verenigen de gemeente en het Woord zich en worden één. De dode heiligen verenigen zich met de levende heiligen, om één te zijn. En allen zullen zich ginds met Christus verenigen voor het bruiloftsmaal van het Lam.

124 Het is de tijd van verenigen, en de tekenen verschijnen overal. De tekenen zijn onder de naties, de tekenen zijn in het communisme, de tekenen zijn in de westerse wereld, de tekenen zijn in de Wereldraad van Kerken. En het teken is hier vanavond door de bediening van de Heilige Geest, en het Woord van God bevestigt het als de Waarheid. Amen! Tijd van verenigen. Het teken van de tijd van verenigen!

     Laten we onze hoofden buigen.

125 Here Jezus, terwijl mijn arme hart opspringt van vreugde, als ik de mogelijkheden zie voor mij, een man van middelbare leeftijd, maar toch met de mogelijkheid om U te zien komen in deze generatie, om in leven te zijn en hier te staan, en het te zien wanneer die bazuin klinkt: "Die vuil is, dat hij nog vuiler worde; en die rechtvaardig is, dat hij nog gerechtvaardigd worde; en die heilig is, dat hij nog geheiligd worde." O, Here God!

126 Te bedenken dat wij daar staan, in een moment, in een oogwenk, terwijl de wereld niet weet wat er gebeurt, maar dat u plotseling uw geliefden voor u zult zien verschijnen die zijn heengegaan, die zijn gekomen om zich weer met u te verenigen. En we zullen worden veranderd in een moment, in een oogwenk; en samen worden opgenomen om onze Here te ontmoeten in de lucht. Om ons dan met Hem te verenigen, om daar voor immer te zijn, om nooit meer uit Zijn tegenwoordigheid te hoeven zijn.

127 Wat een grootse zaak is het vandaag, Here, te weten dat we nu verenigd zijn door één Geest. Eén Geest, de Heilige Geest, heeft het Woord in Zijn greep gekregen en komt in ons. En wat een grootse zaak is het, wat een voorrecht, om losgemaakt te zijn van heel de wereld, om onszelf te verenigen met Jezus Christus. En te bedenken dat we op een dag, in een lichamelijke vorm, met een lichaam zoals Zijn eigen verheerlijkt lichaam, zullen zitten aan de tafel bij het bruiloftsmaal, om daar met Hem verenigd te zijn en met Hem in het huwelijk te treden; om te leven als bruid en Bruidegom in al de tijden die zullen komen, door een eindeloze eeuwigheid.

128 Here God, moge dit niet slechts een mythische gedachte zijn voor de mensen, maar moge het zo'n werkelijkheid worden dat er zo'n honger en dorst zal ontstaan in de mensen dat ze bij het lezen van hun nieuwsbladen, bij het kijken naar... het luisteren naar de radio en het nieuws, zullen zien dat het de tijd van verenigen is. De tekenen lichten fel op.

129 Here God, we spraken erover wat de vrouwen deden in de laatste dagen; wat de kerk zou doen in de laatste dagen; en wat de gemeentetijdperken zouden zijn, wat de zegels zouden zijn en al deze andere dingen. En we zien dat het is zoals in de dagen van Noach. We zien dat het is als hoe het was in de dagen van Sodom en Lot, toen de Engel van God Zich bekendmaakte in menselijk vlees, Die het vlees van de koe at, en de melk van de koe dronk en brood at; en daar stond en kon vertellen wat er achter Hem gebeurde. En Jezus zei dat hetzelfde zou plaatsvinden bij het komen van de Zoon des mensen.

130 Here God, we hebben de piramide gezien, hoe wij die daar gebouwd hebben, en gezien hoe we deze dingen eraan toevoegden; en we ontdekten dat we ons in de eindtijd bevinden, wachtend op de voornaamste Hoeksteen. Ere zij God! Wij bidden, Here, dat U de mensen zult doen ontwaken, snel nu, en ons zult vergaderen met Goddelijke liefde en eerbied voor Jezus Christus en voor elkaar.

131 Als er hier sommigen zijn vanavond die deze hoop nog niet in zich dragen, wilt u dan niet uw hand opsteken tot God en zeggen: "Here God, verenig mij met U, verenig mij met U"? God zegene u, broeder. God zegene u, en u, u; ja. "Verenig mij met U, Heer." Ja! O my!

Naties breken, Israël ontwaakt,

132 Kijk ginds naar Israël, hoe het zich verenigt. Israël is gekomen vanuit de hele wereld, om zich te verenigen; om zich te verenigen en nu zijn ze een natie. Zij zijn een verenigde natie met hun eigen vlag, eigen geld, eigen leger, alles. Als ze het ooit waren, zijn ze het nu. Israël verenigd, Rome is verenigd, de kerk is verenigd. En de bruid verenigt zich, amen. En die grote vereniging is komende. Wat houdt het in? Het loopt allemaal uit op dat teken, dat voornaamste hoofdteken. Jezus en Zijn bruid die zich verenigen als één.

133 Vader, God, sta deze zegeningen toe die ik vraag voor deze mensen, en mogen wij met U verenigd worden in hart, in geest, terwijl zij daar verlangend hun handen voor opstaken. Here God, reinig ons en maak ons de Uwen; sta het toe, Here. Vragen, dat is alles wat we weten en kunnen doen. En verder hebt U gezegd dat als we zouden vragen en zouden geloven, we het zouden ontvangen. Ik zie ernaar uit, Here. Ik dank U in Jezus Christus' Naam. Amen.

Ik heb Hem lief, ik heb Hem lief,
Omdat Hij mij eerst liefhad,
En mijn verlossing kocht
Aan Golgotha's kruis (Amen. O my!)

Zie, de Bruidegom komt!
Ik hoor de roep te middernacht!
We zullen omhoog gaan met gejuich, als we allen volhouden,
En Hem ontmoeten in de lucht. (Halleluja!)

Waak en bid, mijn broeder,
Opdat niemand uw kroon neme,
Want de lauwe en teruggevallene
Zal het huwelijkskleed niet dragen.

134 Dat is waar. Laten we ons gereedmaken voor deze middernachtelijke roep. Het komt in een uur wanneer u het niet denkt. Er zal een roep zijn, niet onder de ongelovige wereld; het zal een geheimenis zijn. Maar de gelovigen, die hiernaar uitzien... Ziet u de sterren op een lijn komen? Zie? Wat bracht het voort? Helemaal precies wat het de eerste keer voortbracht. Zie, hier zijn we, de tekenen zijn aan het komen.

Wij zien de tekenen verschijnen van Zijn gezegende komst,
Voorwaar, zie de vijgenbladeren nu groen worden.
Het Evangelie van het Koninkrijk is uitgegaan naar elke natie,
En we zijn dichtbij, het einde is in zicht.

Dan zullen we blij de boodschap van Zijn gezegend verschijnen uitbazuinen.

135 Is dat juist? O, bazuin de boodschap rond van Zijn gezegende verschijning! Dat moeten we doen. Vertel iedereen: "Maak u gereed, bereid u om God te ontmoeten." Amen! Ik heb Hem lief. O, wat heb ik Hem lief. Nu, laten we gaan staan. Terwijl we het ieder toezeggen, reik om u heen en schud iemand de hand, en zeg:

Nu tot wederziens (schud elkaar nu de hand), nu tot weerziens!
Tot wederziens aan Jezus' voeten,
Nu tot wederziens!...

     Bedenk, u zou geroepen mogen worden! Onze volgende samenkomst zou aan Zijn voeten kunnen zijn!

O, God zij met u, nu tot wederziens!

136 Nu, bedenk slechts, voor we elkaar weer ontmoeten; voor we elkaar zondagmorgen of woensdagavond ontmoeten, zou het kunnen dat... Ineens wordt er iemand gemist. Deze wordt vermist, en ze zijn weggegaan. O, te bedenken dat uw man vermist zou worden, of dat uw vrouw wordt vermist en dat Johns vrouw wordt vermist en hier de kinderen vermist zouden worden. Het is allemaal gebeurd. Wat vond er plaats? Dan bent u achtergelaten!

O, wat een wenen en klagen wanneer de verlorenen hun lot wordt verteld,
Ze riepen tot de rotsen en de bergen (zoals Isrël bij het teruggaan naar de stad, naar de tempel);
Zij baden, maar hun gebeden waren te laat. (Ze verwierpen de Boodschap.)

137 O, broeder, doe dat nooit! Wat u ook doet, houd dapper stand voor de zaak! Jazeker!

138 Nu, tot we elkaar weer ontmoeten, zullen we dit doen:

Neem de Naam van Jezus mede,
Als een schild in ied're strijd.
Wanneer verzoekingen zich rond u verzamelen (Wat doet u?)
Adem die heilige Naam in gebed.

Dierb're Naam, o hoe zoet!
Hoop der aarde en 's hemels vreugd,
Dier'bre Naam, o hoe zoet!
Hoop der aarde en 's hemels vreugd.

139 Laten we onze hoofden nu buigen, terwijl we het neuriën.

Buig u voor de Naam van Jezus,
Val ootmoedig voor Hem neer.
Koning der koningen zullen wij Hem kronen,
Wanneer onze reis voorbij is. (Het zal gebeuren op een dag.)

Dier'bre Naam, o hoe zoet!

     Tot we elkaar weer ontmoeten, God zij met u.

Hoop der aarde en 's hemels vreugd,
Dier'bre Naam, o hoe zoet.
Hoop der aarde en 's hemels vreugd.

Deze site maakt gebruik van functionele cookies.

Download
audioE-BookPrint
AudioAudio
mp3 Download mp3mp3 is een populaire audioformaat dat op vrijwel alle mediaspelers te beluisteren is. meer info...
m4b Download m4bM4B is een Audiobook formaat voor Apple apparatuur (iPod, iPhone etc...) Uw plek wordt bewaard e.d. meer info...
E-BookE-Book
ePub Download ePubePub is de meest gangbare formaat voor E-Book readers. Het heeft geen absolute paginaindeling. meer info...
pdf Download PDFPDF is het meest ondersteunde formaat met absolute pagina indeling. meer info...
xps Download XPSXPS is een relatief nieuw formaat dat vanaf Windows 7 gelezen kan worden zonder extra software te installeren. meer info...
printPrint
book Download PDFPDF ingedeeld als printbaar boekje (dubbelzijdig printen en in het midden vouwen en nieten). meer info...
xpsbook Download XPSXPS document ingedeeld als printbaar boekje (dubbelzijdig printen en in het midden vouwen en nieten). meer info...
English (Engels)